|
Achtergrondinformatie
Aardappeltopluis (Macrosiphum euphorbiae)
Niet chemische bestrijding
Biologische bestrijding buiten
Buiten komen spontaan diverse natuurlijke vijanden voor. Deze natuurlijke vijanden kunnen een aantasting met aardappeltopluis goed bestrijden of onder controle houden. Controleer daarom bij een eerste aantasting of natuurlijke vijanden aanwezig zijn. Is toch een bestrijding nodig kies dan voor selectieve middelen die de natuurlijke vijanden zo veel mogelijk sparen.
Biologische bestrijding in binnenteelten
Biologische bestrijding in kas en tunnels kan plaatsvinden door het uitzetten van de roofgalmug
Aphidoletes aphidimyza en sluipwesp Aphidius ervi. De roofgalmuggen en sluipwespen vullen elkaar aan in de bestrijding.
Voorwaarden voor een goed resultaat:
• starten met uitzetten als er nog zeer weinig bladluizen zijn, anders eerst pleksgewijs spuiten met een selectief middel;
• temperatuur: overdag minimaal 15°C en 's nachts circa 10°C;
• driemaal uitzetten met een week tussentijd om een goede opbouw van de populaties te krijgen.
De hoeveelheid uit te zetten natuurlijke vijanden is afhankelijk van de schadedrempel, de mate van aantasting en het klimaat in de kas of tunnel.
Als de bestrijding niet goed verloopt kan het nodig zijn te corrigeren met een van de volgende maatregelen:
• het lieveheersbeestje Adalia bipunctata uitzetten: een tot vijf larven per plant..
• Twee keer uitzetten met een tussentijd van twee weken;
(plekgewijs) spuiten met een selectief middel.
|