|
Achtergrondinformatie
Gewone dopluis (Parthenolecanium corni)
Niet chemische bestrijding
In de open teelten is nog geen ervaring met het uitzetten van biologische bestrijders. Er zijn twee soorten dopluisetende lieveheersbeestjes in de handel die in overdekte ruimten worden ingezet tegen dopluis.
Chilocorus nigritus is een lieveheersbeestje en een natuurlijke vijand voor de dopluis. Het kevertje is glanzend zwart met een oranje kop. De larve is harig met enkele geel/oranje banden. De eieren worden gelegd op verborgen plaatsen, de ontwikkelingsduur is circa één maand.
Lindorus lophanthae is een lieveheersbeestje. Dit lieveheersbeestje is kleiner en feller oranje dan de
Chilocorus nigritus. De larve is niet behaard en grijs van kleur met crèmekleurige lengtestrepen.
Algemeen geldt dat de temperatuurbehoefte van deze gekweekte soorten lieveheersbeestjes ruim boven de 20°C ligt. Verder zijn deze beestjes erg mobiel. Ze vliegen weg zodra ze moeten zoeken naar hun maal. Toepassing in de open (boom)teelt is vooralsnog geen optie.
Er zijn geen natuurlijke vijanden bekend die spontaan in de natuur voorkomen en uitsluitend gewone dopluis eten. Er is wel een sluipwesp bekend die de dopluis parasiteert, afkomstig uit de familie van de dopluisbronswespen
(Chalcididae). Deze soort is nog niet gedetermineerd. Meer onderzoek is nodig.
|